Geplaatst op Geef een reactie

Smultuin column december 2011

Dit is de laatste keer dat ik de column voor Smultuin in de maand na het verschijnen ook hier op mijn blog publiceer. Wil je deze column blijven volgen dan kun je lid worden van Smultuin. Wil je geen lid worden dan zullen er genoeg andere tuinblogs verschijnen 🙂

De tuin. “Wat doe ik ermee?” was half oktober mijn grote vraag. Dit nadat we in september besloten ons huis te koop te zetten omdat onze woonwensen zijn verandert en we zijn toe aan de fase “gezin stichten”. En daar hoort gewoon een huis met tuin bij. De kans dat we in dezelfde wijk terecht kunnen voor een huurwoning is klein omdat er in deze wijk veel koophuizen staan. Dat betekent ook dat ik op den duur de volkstuin zal verlaten om in te ruilen voor een tuin aan huis of een tuin bij een ander volkstuin complex dat dichterbij ons nieuwe huis ligt. Inmiddels staat ons huis te koop, tijdens het open huis hebben we geen potentiële kopers gehad en ook daarna bleef het stil. Inmiddels hebben we het gewone leven weer opgepakt, voorlopig wonen we hier nog.

Half oktober gebeurde er bijzondere dingen. Zo stonden na een diepe kijk in mijn innerlijk alle tellers gevoelsmatig op nul. Ik dacht erover de tuin op te zeggen. Ik kwam er nauwelijks meer, ik liet de tuin even voor wat ze was. Toen ik er later wel weer een keer kwam en na een lange tijd weer bekenden sprak, waarvan zeker één bang was dat ik de tuin opgegeven had, realiseerde ik mij iets heel belangrijks. Deze tuin geeft niet alleen overvloed, voedsel en lichaamsbeweging, deze tuin levert mij een grote kring sociale contacten! Dat is nu, naast dat we mogelijk nog een jaar hier wonen, een reden om de tuin aan te houden. In een andere wijk of zelfs in een omliggend dorp gaan wonen en tuinieren betekent nieuwe contacten maar ook minder contact met mijn huidige tuinvriendenkring.

Hierna ben ik weer een paar keer op de tuin geweest en heb ik bij mijn geliefde aangegeven dat ik toch graag in deze buurt zou blijven wonen. Nu we ons realiseren dat het rustig een jaar kan duren voordat de koper op de stoep staat, ben ik blij dat ik de tuin aangehouden heb. Hopelijk lukt het me op deze winter mezelf weer op te laden en met nieuwe energie in de tuin aan de slag te gaan.

Detail tweede collage "De Eigen Wijsheid"

Afgelopen jaar merkte ik bij veel tuinders dat ze zich steeds afvroegen of ik ook oogst had en hoeveel dan en wat dan. In mijn wens materialisme los te laten en veel meer te kijken naar wat de tuin nog meer brengt, ging ik daar tegenin. Ik zei “het gaat me niet om de oogst, de tuin geeft mij frisse lucht en beweging, ik geniet van alles wat er staat.” Ik wilde geen productietuin waarbij de rest vergeten wordt, ik wilde aangeven dat het gaat om het genieten van.

Toch valt de oogst me tegen. Want ook al heb ik nog zo genoten, ik kan er niet omheen dat het een teleurstelling is als de zaadjes die ik zo aandachtig en vol liefde gezaaid heb hun kopje onder de grond houden en daarvoor in de plaats onkruid verschijnt. En als dat gezaaide dat toch opkwam bleef het heel klein of verkleurde het.

Maar ik heb geleerd. Iets wat ik al een tijdje weet: “dat wat je uitzend krijg je terug” en “wat je aandacht geeft dat groeit”. En door uit te spreken dat het me om andere dingen ging dan productie kreeg ik ook minder productie.

"Tuin van overvloed" de eerste collage

Daarom heb ik laatst een collage gemaakt met de titel “tuin van overvloed”. Helaas had ikwat weinig plaatjes van verse groenten en is de eerste collage dus vooral een sfeercollage geworden. Later heb ik een tweede collage gemaakt met veel meer groente en fruitplaatjes. In 2012 wil ik een productietuin. Een tuin die zoveel pompoenen gaf als in ons in eerste tuinjaar 2009 waarbij we in januari 2010 onze laatste pompoen aten. Ik wil zoveel courgettes dat we er gek van worden, zoals dat was in 2009. Ik wil bladgroenten die naar de hemel rijken omdat ze voelen dat ze er mogen zijn!

Tweede collage "De Eigen Wijsheid"

Ik wil planten die de hoogte ingaan, zoals ik zelf in aanzien en waardering aan het stijgen ben. Ik wil dat alle bloemen de sterren van de hemel bloeien, ik wil elke dag verlangen naar mijn tuin!

Geplaatst op Geef een reactie

DE slakkencolumn van DanielleDuurzaam

Daar is ie eindelijk: de Smultuin column van september
en DE slakkencolumn voor wie verder durft te gaan!

Na een serie van drie waarin we de sporen van mollen en muizen in mijn tuin volgden, dacht ik dat het tijd werd voor een nieuw onderwerp. Maar nee, er zijn nog een aantal andere dieren die bij veel tuinders ergernis, onzekerheid en frustratie oproepen. Het is dus wel op z’n plek om ook een andere manier van omgaan met deze dieren een onder de loep te nemen.

Om deze dieren te zien heb je trouwens geen loep nodig, ze zijn groot genoeg ondanks dat ze wel in de categorie “kleine dieren” vallen. Ik heb het over wormen en slakken. Elke keer als ik een slak zie in mijn tuin, meestal zo’n grote, bruine naaktslak maar ook kleine, lichter gekleurde slakjes en een enkele keer een huisjesslak, maakt mijn hart een sprongetje van blijdschap. Ik geef ze altijd voorrang in die zin dat ik om de slakken heenloop .(Waardoor ik soms een hele omweg maak of steeds op dezelfde plek een grote stap neem.)

Als ik in de grond aan het werk ben, wat ik zo min mogelijk doe zeker als de wormen in de bovenste laag zitten, is tijdens mijn werkzaamheden voorkomen dat ik wormen doorsnij. Want vorig jaar op de tuincursus leerde ik dat als je wormen doorsnijd ze meestal gewoon doodgaan, de kans dat je op precies die ene plek ze door midden hakt waardoor de twee delen in leven blijven is namelijk klein. Dat doorgehakte wormen het overleven is dus een fabeltje!

Waarom zijn die wormen zo belangrijk dan? Nou naast dat het een prachtig wezen is, een schepsel van de natuur, is het namelijk ook een heel belangrijk dier omdat het helpt lucht in de aarde te brengen. Ze zorgen ook voor meer aarde, ze eten namelijk van alles en poepen aarde uit! Naast dat ze dus helpen met spitten, wat we dus kunnen nalaten (!) zorgen ze ook dat de aarde die verdwijnt (onder onze werkschoenen, aan onze handen) weer aangevuld wordt. Je snapt dat zulke prachtige wormenpoep meer evenwicht aan bacteriën, voedingsstoffen en al wat meer bevat dan de beste (namaak) aarde die er in de winkel te koop is!

Waren er in het voorjaar veel minder wormen en waren ze ook veel kleiner en dunner, nu we het oogstseizoen begonnen zijn en de zonnekracht alweer afneemt, zie ik de meest prachtige, lange, dikke en in verschillende kleuren getinte wormen over de grond gaan! Dus ben je dicht bij de grond aan het werk met één hand op de aarde om jezelf te steunen en voel je ineens iets kouds over je hand glijden, dan is het een slang worm! En ik dacht nog wel dat ie mij zou vermijden, maar nee, ik ben op dezelfde manier “geschapen” als dit prachtige schepsel dat geen onderscheidt maakt en niemand omzeild, hij accepteert alles en iedereen onvoorwaardelijk!

“Over onvoorwaardelijke acceptatie gesproken, leef je eens in, in het leven van een slak. Je bent op zoek naar iets lekkers en sappigs, je hebt geen ogen maar je intuïtie en je voelsprieten leiden je de goede kant op. Je komt een heerlijke krop sla tegen en als je daar een paar hapjes van genomen hebt, glij je door en kom je over donkere, zwarte aarde zo bij de volgende sla krop.  Verderop staan ook nog lekkere planten waar je van eet. Dan wordt je ineens opgetild en zonder pardon verderop aan de kant van sloot gegooid.”

Bij ons volkstuinencomplex wemelt het, net als in mijn eigen tuin, van de bruine naaktslakken. En iedereen maar klagen dat ze de sla opeten. Wat dan nog? Sla kun je ook in de winkel kopen dus dood zul je er niet van gaan, en je kunt ook wat anders eten. Of misschien is het omdat we de tuin als ons bezit zien er iedereen, dus ook de dieren, ervan af dient te blijven? Waarom zijn we zo bang voor een paar slakken?

“Stel je eens voor dat je een liefhebbend wezen bent dat alleen maar liefde kent en helemaal op de intuïtie leeft. Je bent altijd en overal welkom en als je klaar bent ben je klaar en ga je verder, er is geen reden om te blijven. Dan kom je op een plek waar je voelt dat je niet welkom bent, je voelt een negatieve energie. Je wilt deze energie neutraliseren en dus ga je aan de slag door je ding te doen. Je soortgenoten komen je helpen en jullie gaan pas weg als het eten op is of de energie weer goed. “

Dit is zomaar iets wat ik mij voorstel, bij mij hebben de slakken ook gegeten van mijn drie slow-grow kroppen en ze hebben de jonge plantjes die ik nooit uitgezet heb opgegeten. Gelijk hebben ze, had ik ze maar moeten uitzetten! Verder heb ik geen idee van wat ze eten, er staat zoveel in mijn tuin, het meeste zou je onkruid kunnen noemen, dat ik het prima vinden als ze ervan eten en ik er meestal niets van merk. Of er juist blij mee ben als ze de hopen onkruid meehelpen omzetten in mooie, verse, rulle aarde. Dus even praktisch bekeken, heb je een tuin met alleen groente waar de slakken geen keuze hebben anders dan jou groente te eten of zijn er genoeg andere slak-vriendelijke plekken waar ze naar hartenlust kunnen peuzelen? En is jou tuin toegankelijk voor de natuurlijke vijanden van de slakken? En ga voor jezelf eens na en wees eens heel eerlijk: wat doet het met je als die slakken jou groente opeten? Daar zitten blijkbaar emoties bij jou om mee aan de slag te gaan. Want Guurtje Kieft noemt tuinieren niet voor niets een “tuinontwikkelingsweg”. De tuin is de spiegel van jouw innerlijk! Daar een andere keer meer over, genoeg stof om over na te denken. Men zegt weleens dat hoe meer “haat” je de wereld in stuurt, hoe meer last je krijgt van datgene waar je een hekel aan hebt. Dus accepteer je slakken!!

Dan wilde ik nog even vertellen over wat ik laatst te horen kreeg toen ik rond 10 uur naar ons volkstuinencomplex fietste. Dat de paarden die daar de weiden en grasstroken begrazen waren uitgebroken! Iemand had de stroom van het hek eraf gehaald en dus waren ze ’s nachts op onderzoek gegaan. In het weiland grenzend aan mijn tuin staat een merrie en de sporen liepen dan ook daar in de buurt. Helaas, de paarden hadden mijn tuin overgeslagen, ze hadden best even dat wel heel erg lang wordende gras mogen begrazen! Andere buren hadden ook sporen, toch heb ik daarna weinig negatiefs erover gehoord. Bijzonder was het wel om naast slakken, wormen, mollen en muizen sporen van paarden te vinden op de paden en tuinen!

Geplaatst op Geef een reactie

Smultuin column augustus

Column gepubliceerd in Smultuin augustus 2011

Ook in de maand juli gingen de dieren in mijn tuin door met hun bezigheden. Zo moest ik zelfs mijn plannen aanpassen omdat een bed met veel begroeiing helemaal vol zat met gangetjes. Als ik de melkdistels en het andere onkruid eruit trok, leek dat het hele gangenstelsel op z’n kop te zetten. Stel je voor dat daar ergens een nestje zit, die gun ik een rustige ‘jeugd’. Ondertussen ben ik flink gaan twijfelen of de sporen die veranderden van molshopen naar gaten, wel van mollen waren. Omdat internet mij geen uitsluitsel kon geven, maakte ik dankbaar gebruik van mijn grote bibliotheek abonnement waarbij ik maximaal 16 boeken tegelijk kan lenen. Zoveel boeken over dieren en hun sporen vond ik niet maar wel een stuk of vier die ik lekker doorgebladerd heb. Dankzij die boeken, die helaas ook geen precies dier als maker van de sporen kon aanwijzen, is mijn vermoeden dat er (ook) een muis of muizenfamilie actief is wel gegroeid. Kort daarop en vandaag ook weer vind ik weer mollensporen, een spoor waarbij in de grond duidelijk een gang gegraven is, heel ondiep net onder de aarde. Later sprak ik tuinster A. waarbij in haar tuin zo’n zelfde gang nog veel duidelijk zichtbaar is vanwege de kale grond. Dat is zeker weten van een mol. De andere sporen hou ik toch op een muis, wellicht een hele familie. Leerzaam is dit wel! Jammer dat geen enkele tuinder hier meer van weet te vertellen.

Mollenrit

Vandaag hoorde ik nog meer, verderop is een vos bezig geweest! Eerst wist ik niet wat ik hoorde maar nu ik het even door mijn gedachten heb laten gaan, herinner ik mij S. die in een dorpje hier in de buurt woont, wiens kippen door de vos waren gepakt. De vos in de bewuste volkstuin echter had een vogeltje verstopt, alleen de veertjes staken uit de grond. Ja, tuinster M. schrok natuurlijk goed toen ze de veren omhoog trok en het een dood vogeltje bleek te zijn. Tuinder J. heeft voor haar het vogeltje verderop  begraven, maar de vos kwam de volgende dag terug en weg was zijn vogeltje. Hij heeft een diep gat gegraven op zoek naar zijn buit. Dus als je een dood vogeltje vindt en vossensporen, laat het liggen want de vos haalt het de volgende dag op!

Blubber, even met modder en schep gespeeld 🙂

Er was nog meer te beleven afgelopen maand; zo hadden we na de droogte afgelopen week een wolkbreuk die menigeen zal blijven heugen. Ik ging kijken op mijn tuin en even zonk de moed mij in de schoenen want ik kon nergens meer normaal lopen de helft van de paden waren echt flinke plassen geworden, nog niet te spreken van de bedden die gelukkig nog meevielen. Voordeel is dat ik nu weet waar veel water problemen oplevert en waar het het langste droog blijft. Gelukkig is het water de afgelopen dagen vrij snel weggezakt en hoewel ik vandaag wel natte knieën had, waren de plassen helemaal verdwenen. Toch heeft het me wel aan het denken gezet, hoe kan ik mijn tuin zo helpen dat deze een grote portie water prettig en snel de grond in kan laten gaan? Tuinder N. die bezig was de verstopte geulen vrij te maken zodat het water van het algemene graspad afgevoerd kon worden, vertelde dat er op het gehele volkstuinencomplex onder de laag “teeltaarde” een laag leem of klei ligt,  waarschijnlijk wel meer dan een meter hoog. Die is er ooit gelegd om de boel op te hogen. Als zo’n laag erg verdicht is kan dat natuurlijk problemen geven bij de afwatering. “Toevallig” leerde ik laatst dat winterrogge wortels heeft die wel tot anderhalve meter diep gaan. Die zorgen ervoor dat er in de diepere gronden ook lucht komt, wat de afwatering helpen. Ik al van plan winterrogge te zaaien binnenkort, nu heb ik een extra reden!

Afrikaantjes dus, de tomaten staan verderop

Nog een paar leuke verrassingen tot slot; de sla die door de droogte klein bleef, is eindelijk aan het groeien. Ik ontdekte dat er drie maïsplantjes het overleeft hebben, ze zijn nog erg klein maar wie weet… en ik ontdekte dat de uitgezette tomaten geen tomaten maar Afrikaantjes zijn. Was ik toch vergeten dat ik die ook nog gezaaid had…

Geplaatst op 8 Reacties

Toen zag ik in mijn ooghoek iets bewegen…

Deze column schreef ik voor het juli nummer (2011) van digitaal tijdschrift Smultuin.

De vorige keer schreef ik over de mol en hoe deze bezig was in mijn tuin. Dat ik als een van de weinige tuinders de mol welkom heet, de meeste tuinders hebben een hekel aan het beest. Zo was een oudere heer die moeilijk liep en klaagde dat het graspad oneffen was door de mollen. Ik kreeg een heleboel gedachten in mijn hoofd die ik zou kunnen uitspreken als reactie op de negativiteit van deze man, uiteindelijk bleef ik stil. Het deed me pijn deze man zo te horen. Tuurlijk snap ik dat het vervelend is over een oneffen pad te lopen als je slecht ter been bent, het deed me echter ook zeer hoe deze man de mol de schuld gaf. Want voorkomen doe je het niet, beter leren lopen of stoppen met klagen is makkelijker!

Ik eindigde de vorige keer met de opmerking dat ik wel getest zou worden of ik volhard in mijn standpunt rondom dieren die welkom zijn in mijn tuin. Nou, die test is geweest en nog steeds gaande. De aarbeien zijn “aangepikt”, gelukkig had ik er nog genoeg over voor mijzelf. De steeltjes van tweede portie mais is net als de eerste portie doorgepikt of geknaagd, geen maisplanten dus dit jaar. Eerder op onze tuin in 2009 was dit ook al een “probleem”, toen hebben we de planten wel groter gekregen door de jonge plantjes te beschermen met gaas. Helaas werden toen de nog onrijpe kolven alsnog aangevreten met als resultaat geen mais. Tegen andere tuinders zeg ik nu terwijl ik mijn schouders ophaal “ik eet toch zelden mais”.

Holletje in de buurt van het stokrozen-frambozen bed. Muis of mol?

Met mulchen ben ik ook her en der doorgegaan en inderdaad is de mol verder de tuin in binnengekomen. Hij maakte daarbij andere sporen dan eerst, geen hopen aarde maar gangetjes aan de oppervlakte. Kort geleden werd door iemand bevestigt dat ook deze sporen van de mol kunnen zijn. Deze gangetjes heb ik zelfs al helemaal aan de andere kant van de tuin gezien, hoewel de meeste sporen aan de voorkant zitten aan de bedden die overgaan in het algemene graspad. Zo lag een keer mijn tomatenbed helemaal overhoop en ook het bed met de stokrozen en frambozen is flink doorgewoeld. Daar is het spitten al gedaan!

Het stokrozen-frambozen bed, vlak voor de stokrozen hun bloemen openden.

Op een ochtend rond een uurtje of 10, toen de grote heg van de tuin tegenover nog flink schaduw wierp op het pad en een deel van het frambozen-stokrozen bed, mocht ik de mol bezig zien! Ik wilde eigenlijk op de fiets stappen om gereedschap te kopen bij het tuincentrum verderop toen ik in mijn ooghoek wat zag bewegen! Ik bleef direct stil staan, de mol was bezig in het grasrandje. Heel voorzichtig ben ik iets dichterbij gaan staan en toen was er het moment dat ik het hele diertje even zag, ik wist toen zeker dat het de mol was en geen muis of iets anders. Met een wonderlijk gevoel van verbazing en vreugde liep ik terug mijn tuin in en met een boog naar de andere kant, terwijl de mol ongestoord verder ging. Toen ben ik heel rustig op de grond gaan zitten en heb me toch genoten! Het voelde heel speciaal en wonderlijk dat ik dit mocht meemaken. Mijn gedachten kwamen tussendoor “wat als de overbuurvrouw er nu aankomt?” ik had nog geen antwoord kunnen bedenken of de mol schoot via een holletje door het gras naar de overkant, naar de tuin van de buurvrouw en verdween daar. Hoe is het toch mogelijk dat ik aan de overbuurvrouw denk en de mol direct daarheen gaat. Hij kan zeker gedachten lezen haha. Volgende keer zal ik heel veel liefdevolle gedachten denken en de mol bedanken voor zijn (of haar) aanwezigheid!

Geplaatst op 3 Reacties

De mol om de tuin leiden

Dit artikel schreef ik voor het juni nummer van online tijdschrift Smultuin.

Ze zeggen weleens dat je werkelijk alles kunt vinden op internet. Nou, degene die dat zegt mag voor mij een website vinden waarop staat hoe je mollen je tuin in lokt, in plaats van uit!

Ik vind het namelijk geweldig dat er een mol in de tuin zit, levende dieren en ecosystemen-in-opbouw in mijn tuin zijn nummer 1, de oogst is minder belangrijk. Een gazonnetje dat doorklieft kan worden heb ik niet en dat mooie stukje met Mariadistels en mulch van rabarberbladeren, ach, een bloemetje meer of minder maakt me niets uit.

De mol eet onder andere wormen en wormen zitten bij de planten waar het lekker vochtig is. Daarom wellicht dat “mijn” mol precies zijn gangen graaft langs het graspad en onder mijn gemulchde stuk tuin dat daar aan grenst. Toen ik dat ontdekte ging er een lampje bij mij branden. Als de wormen onder de mulch zitten dan mulch ik gewoon naar de andere kant van de tuin in de hoop dat de mol volgt. Want mijn blad- en koolbed en mijn vruchtgroentebed hebben erg harde grond, daar mag wel wat meer lucht bij. Hoe meer diertjes gangetjes graven hoe meer lucht er in de grond komt. Dan kan het water beter wegzakken en groeien de wortels lekker diep wat hopelijk ten goede komt aan de groei van de plant bovengronds. Dit is mijn idee over de mol die in mijn tuin van harte welkom is. Ik zei al eens in een gesprek met een andere tuinder “stuur de mollen maar naar mijn tuin” en nu lees ik toch online dat mollen heel territoriaal zijn. Dus het zal wel bij deze mol blijven. Ik las ook dat ze in mei-juni kleintjes krijgen dus ik wens de mol in mijn tuin veel familiegeluk toe. Ik zal niemand meer vertellen waar de ingang van het holletje zit want stel je voor dat iemand een anti-mollen maatregel neemt tijdens kraamtijd!

In de tuin zijn nog meer dieren die door vele tuinders als bedreigend ervaren worden. Neem de eenden en de vogels en misschien wel muizen die de maiszaadjes uit de grond graven nog voordat deze de kans kregen om te ontkiemen en de aardbeien die opgegeten worden op het moment dat ze rijp zijn. Ook zijn vele bessenstruiken weer omhult met netten. Dat zal ik zelf nooit doen, ik vind dat de dieren recht hebben op hun deel.

Omdat wij mensen dat stukje grond, of het nu een volkstuin of een achtertuin is, zien als ons eigendom, worden allerlei middelen aangegrepen om “ongedierte” van de tuin te weren. Of misschien is het territoriaal gedrag zoals vele dieren zelf ook vertonen? In plaats van ons territorium te markeren met een plasje of een krab aan een boom strooien we gif en zetten we vallen. Waarom eigenlijk? Wat gebeurt er met de mens als hij of zij dit jaar geen eigen aardbeien kan eten? In de winkel zijn ook heerlijke aardbeien te koop, het is geen kwestie van leven of dood. Dus het is een gevoelskwestie. Wordt ons iets afgepakt als ons eten door een dier wordt opgegeten? Wat wordt er afgepakt dan, onze trots, voelen we ons afgewezen of schamen we ons?

Mijn intentie is om de dieren welkom te heten en ook slakken en ander “ongedierte” zie ik graag kruipen, scharrelen en glijden. Als ik een worm tegenkom voel ik blijdschap en als ik een torretje zie kruipen blijf ik er even naar kijken. Tijdens vochtige periodes kijk ik extra uit waar ik loop om te voorkomen dat ik de slakken vertrap. Ik vraag me wel af hoe ik ga reageren als de eerste dieren mijn groentes aanvreten. Het is een mooie intentie die in de praktijk nog wel op de proef gesteld zal gaan worden!

Geplaatst op 1 Reactie

Mijn column in tijdschrift “Smultuin”

Vandaag is het juni nummer van de “Smultuin” uitgekomen, een goed gevuld digitaal maandblad met verhalen van biologische en biologisch-dynamische tuinders , informatie over groenten, fruit, kruiden en bloemen, over hoe men vroeger planten gebruikte als kleurstof om kleding mee te verven, boeken over alles wat met tuinieren te maken heeft, uitgaanstips in tuinensfeer en natuurlijk recepten om al het lekkers uit de tuin te verwerken tot een “heerlijk smulfestijn”!

Toen ik het Juni nummer zojuist ging lezen kreeg ik meteen inpiratie voor nieuwe teksten. En dat is ook wat Claudia Reina wil met haar tijdschrift: inspireren!

Sinds deze maand dus ook een column van mij. Als je denkt dat ik nu een gat in de lucht spring, nou dat deed ik wel toen ik de e-mail kreeg met de vraag of ik een column wilde schrijven! Nu ben ik toch minder blij dan gedacht, misschien voel ik me nog een beetje verlegen. Terwijl ik hier best trots op mag zijn!!

Meer over de Smultuin op www.smultuin.nl!