DE slakkencolumn van DanielleDuurzaam

DE slakkencolumn van Danielle Duurzaam verschenen in Smultuin september 2011.

Daar is ie eindelijk: de Smultuin column van september
en DE slakkencolumn voor wie verder durft te gaan!

Na een serie van drie waarin we de sporen van mollen en muizen in mijn tuin volgden, dacht ik dat het tijd werd voor een nieuw onderwerp. Maar nee, er zijn nog een aantal andere dieren die bij veel tuinders ergernis, onzekerheid en frustratie oproepen. Het is dus wel op z’n plek om ook een andere manier van omgaan met deze dieren een onder de loep te nemen.

Om deze dieren te zien heb je trouwens geen loep nodig, ze zijn groot genoeg ondanks dat ze wel in de categorie “kleine dieren” vallen. Ik heb het over wormen en slakken. Elke keer als ik een slak zie in mijn tuin, meestal zo’n grote, bruine naaktslak maar ook kleine, lichter gekleurde slakjes en een enkele keer een huisjesslak, maakt mijn hart een sprongetje van blijdschap. Ik geef ze altijd voorrang in die zin dat ik om de slakken heenloop .(Waardoor ik soms een hele omweg maak of steeds op dezelfde plek een grote stap neem.)

Als ik in de grond aan het werk ben, wat ik zo min mogelijk doe zeker als de wormen in de bovenste laag zitten, is tijdens mijn werkzaamheden voorkomen dat ik wormen doorsnij. Want vorig jaar op de tuincursus leerde ik dat als je wormen doorsnijd ze meestal gewoon doodgaan, de kans dat je op precies die ene plek ze door midden hakt waardoor de twee delen in leven blijven is namelijk klein. Dat doorgehakte wormen het overleven is dus een fabeltje!

Waarom zijn die wormen zo belangrijk dan? Nou naast dat het een prachtig wezen is, een schepsel van de natuur, is het namelijk ook een heel belangrijk dier omdat het helpt lucht in de aarde te brengen. Ze zorgen ook voor meer aarde, ze eten namelijk van alles en poepen aarde uit! Naast dat ze dus helpen met spitten, wat we dus kunnen nalaten (!) zorgen ze ook dat de aarde die verdwijnt (onder onze werkschoenen, aan onze handen) weer aangevuld wordt. Je snapt dat zulke prachtige wormenpoep meer evenwicht aan bacteriën, voedingsstoffen en al wat meer bevat dan de beste (namaak) aarde die er in de winkel te koop is!

Waren er in het voorjaar veel minder wormen en waren ze ook veel kleiner en dunner, nu we het oogstseizoen begonnen zijn en de zonnekracht alweer afneemt, zie ik de meest prachtige, lange, dikke en in verschillende kleuren getinte wormen over de grond gaan! Dus ben je dicht bij de grond aan het werk met één hand op de aarde om jezelf te steunen en voel je ineens iets kouds over je hand glijden, dan is het een slang worm! En ik dacht nog wel dat ie mij zou vermijden, maar nee, ik ben op dezelfde manier “geschapen” als dit prachtige schepsel dat geen onderscheidt maakt en niemand omzeild, hij accepteert alles en iedereen onvoorwaardelijk!

“Over onvoorwaardelijke acceptatie gesproken, leef je eens in, in het leven van een slak. Je bent op zoek naar iets lekkers en sappigs, je hebt geen ogen maar je intuïtie en je voelsprieten leiden je de goede kant op. Je komt een heerlijke krop sla tegen en als je daar een paar hapjes van genomen hebt, glij je door en kom je over donkere, zwarte aarde zo bij de volgende sla krop.  Verderop staan ook nog lekkere planten waar je van eet. Dan wordt je ineens opgetild en zonder pardon verderop aan de kant van sloot gegooid.”

Bij ons volkstuinencomplex wemelt het, net als in mijn eigen tuin, van de bruine naaktslakken. En iedereen maar klagen dat ze de sla opeten. Wat dan nog? Sla kun je ook in de winkel kopen dus dood zul je er niet van gaan, en je kunt ook wat anders eten. Of misschien is het omdat we de tuin als ons bezit zien er iedereen, dus ook de dieren, ervan af dient te blijven? Waarom zijn we zo bang voor een paar slakken?

“Stel je eens voor dat je een liefhebbend wezen bent dat alleen maar liefde kent en helemaal op de intuïtie leeft. Je bent altijd en overal welkom en als je klaar bent ben je klaar en ga je verder, er is geen reden om te blijven. Dan kom je op een plek waar je voelt dat je niet welkom bent, je voelt een negatieve energie. Je wilt deze energie neutraliseren en dus ga je aan de slag door je ding te doen. Je soortgenoten komen je helpen en jullie gaan pas weg als het eten op is of de energie weer goed. “

Dit is zomaar iets wat ik mij voorstel, bij mij hebben de slakken ook gegeten van mijn drie slow-grow kroppen en ze hebben de jonge plantjes die ik nooit uitgezet heb opgegeten. Gelijk hebben ze, had ik ze maar moeten uitzetten! Verder heb ik geen idee van wat ze eten, er staat zoveel in mijn tuin, het meeste zou je onkruid kunnen noemen, dat ik het prima vinden als ze ervan eten en ik er meestal niets van merk. Of er juist blij mee ben als ze de hopen onkruid meehelpen omzetten in mooie, verse, rulle aarde. Dus even praktisch bekeken, heb je een tuin met alleen groente waar de slakken geen keuze hebben anders dan jou groente te eten of zijn er genoeg andere slak-vriendelijke plekken waar ze naar hartenlust kunnen peuzelen? En is jou tuin toegankelijk voor de natuurlijke vijanden van de slakken? En ga voor jezelf eens na en wees eens heel eerlijk: wat doet het met je als die slakken jou groente opeten? Daar zitten blijkbaar emoties bij jou om mee aan de slag te gaan. Want Guurtje Kieft noemt tuinieren niet voor niets een “tuinontwikkelingsweg”. De tuin is de spiegel van jouw innerlijk! Daar een andere keer meer over, genoeg stof om over na te denken. Men zegt weleens dat hoe meer “haat” je de wereld in stuurt, hoe meer last je krijgt van datgene waar je een hekel aan hebt. Dus accepteer je slakken!!

Dan wilde ik nog even vertellen over wat ik laatst te horen kreeg toen ik rond 10 uur naar ons volkstuinencomplex fietste. Dat de paarden die daar de weiden en grasstroken begrazen waren uitgebroken! Iemand had de stroom van het hek eraf gehaald en dus waren ze ’s nachts op onderzoek gegaan. In het weiland grenzend aan mijn tuin staat een merrie en de sporen liepen dan ook daar in de buurt. Helaas, de paarden hadden mijn tuin overgeslagen, ze hadden best even dat wel heel erg lang wordende gras mogen begrazen! Andere buren hadden ook sporen, toch heb ik daarna weinig negatiefs erover gehoord. Bijzonder was het wel om naast slakken, wormen, mollen en muizen sporen van paarden te vinden op de paden en tuinen!

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.